KBA Nijmegen
KBA
KBA

Rendement van opleidingen en VSV


Rendement van opleidingen
Opleidingsrendement wordt meestal uitgedrukt in termen van doorstroom, het percentage behaalde diploma’s (intern rendement) en de uitstroom naar het beroepenveld waarvoor een opleiding zijn deelnemers kwalificeert (extern rendement).

Het intern rendement verwijst naar het perspectief van de school. Daarbij gaat het om de bijdrage van de school en/of de opleiding aan de competentieontwikkeling van onderwijsdeelnemers met het oog op hun leer- en/of arbeidsloopbaan. In principe kan die bijdrage worden afgemeten aan het aandeel van haar onderwijsdeelnemers dat de school met een diploma verlaat, aan het aandeel dat de school níet volledig gediplomeerd maar wel met certificaten / partieel gekwalificeerd verlaat, en aan de bijdrage die de school levert aan de ontwikkeling van competenties die geen onderdeel uitmaken van formele kwalificaties. Interessant daarbij is de notie van ‘toegevoegde waarde’ die de school levert, dat wil zeggen de bijdrage van de school in relatie met de situatie waar de onderwijsdeelnemer vandaan komt, bijvoorbeeld qua vooropleiding, milieu van herkomst, etc.
 

Het extern rendement van opleidingen verwijst naar de (toekomstige) positie van ex-onderwijsdeelnemers op de arbeidsmarkt, niet alleen direct na het verlaten van de school maar ook tijdens hun loopbaan. Het effect van de opleiding daarvoor is lastig vast te stellen, omdat ook andere factoren dan de genoten opleiding een rol spelen, zoals conjunctuurschommelingen en persoonlijke kenmerken van betrokkenen. Bovendien is hier het vraagstuk van de macrodoelmatigheid aan de orde. Tenslotte is er de rol die de arbeidsmarkt i.c. bedrijven spelen in rendement en voortijdig schoolverlaten. Enerzijds kan dat een negatieve zijn door – met name in tijden van arbeidsmarktschaarste – het aantrekken van stagiaires voordat zij hun opleiding met een diploma hebben afgerond: de zogenaamde groenpluk. Anderzijds kan die rol positief en stimulerend zijn via allerlei vormen van co-makership, via innovatieve projecten en via hun inbreng in stages.

Contactpersonen:
drs. Paul den Boer
dr. Jos Frietman

Lees meer>


Voortijdig schoolverlaten
Weinig maatschappelijke problemen staan al zolang in het centrum van de beleidsaandacht als het voortijdig schoolverlaten. Ondanks de succesvolle aanpak van de afgelopen jaren verlaat nog altijd een groot deel van de jongeren het onderwijs zonder een startkwalificatie te hebben behaald. In 2006 verscheen de invloedrijke KBA-studie Vroeg is nog niet voortijdig – Naar een nieuwe beleidstheorie voortijdig schoolverlaten. In de studie wordt een nieuw model voor de VSV-aanpak geschetst met daarin een typologie van verschillende soorten voortijdig schoolverlaters. Deze en andere studies hebben bijgedragen aan een betere inzicht in de problematiek en een meer differentiatie in de VSV-aanpak. Zo wordt uitval vanwege studiekeuzeproblemen, overbelasting of leerproblemen nu met verschillende maatregelen benaderd.
 
Tegenwoordig draait de aanpak van VSV niet meer alleen om de problemen van individuele leerlingen. Terwijl vroeger vooral de zorg voor deze kwetsbare jongeren centraal stond, overlapt het VSV-beleid nu veel meer met thema’s als opleidingsrendement, kwaliteit van onderwijs en efficiënte schoolloopbanen. Dat heeft, met name in het mbo, geleid tot een spectaculaire groei van de aandacht voor VSV.

Regionale samenwerking is noodzakelijk om voortijdig schoolverlaten effectief te kunnen bestrijden. Dat geldt voor de verschillende scholen in de regio (VO, VSO, PRO, MBO), maar ook voor de samenwerking tussen onderwijs, gemeenten, zorgaanbieders en bedrijven. Partijen hebben elkaar nodig, ook al is samenwerking niet altijd een makkelijk weg.
De invoering van het onderwijsnummer voor alle scholieren en studenten in Nederland is een belangrijke doorbraak geweest. Met de nieuwe gegevens ontstond voor het eerst de mogelijkheid om voortijdig schoolverlaten nauwkeurig in beeld te brengen, op individueel niveau, op schoolniveau en op het niveau van de regio. Het onderwijsnummer heeft de deur geopend voor onderzoek naar schoolloopbanen, de effectiviteit van VSV-maatregelen, de overgang tussen schooltypen en de overgang van school naar werk.