📊 Nieuw verdiepingsonderzoek naar branchestandvastigheid in de technische installatiebranche
In het verdiepingsonderzoek ‘Branchestandvastigheid in de technische installatiebranche’ voor Wij Techniek onderzochten Timo Verhaegh en Thomas Oostendorp de vragen: hoeveel instromers blijven daadwerkelijk behouden voor de technische installatiebranche? En hoe dienen we deze cijfers te interpreteren?
Belangrijkste bevindingen
• De basisanalyse laat zien dat circa 2/3 van de instromers na 1 jaar nog in de branche werkt. Na 2 jaar is dit 55% en na 5 jaar nog 35%. De uitstroom is het grootst in het eerste jaar.
• Tegelijkertijd is de instroom tussen 2015 en 2023 bijna verdubbeld (van 14.000 naar ruim 27.000), maar dit gaat gepaard met een daling van de branchestandvastigheid en meer snelle uitstroom.
• Het beeld van uitstroom blijkt echter te eenzijdig. Ongeveer 17% van de ‘uitstromers’ blijft feitelijk actief in de branche, bijvoorbeeld via:
– werk bij installatiebedrijven buiten de cao (extra-WT),
– werk bij niet-aangesloten TI-bedrijven (extra-TI),
– of als zzp’er.
• Wanneer we deze bredere blik hanteren, ligt de branchestandvastigheid na 2 jaar gemiddeld 5 procentpunt hoger (61% i.p.v. 56%), oplopend tot 8 procentpunt op langere termijn.
• Een belangrijk inzicht: een deel van de uitstroom is tijdelijk. Zo keert ongeveer 1 op de 5 uitstromers later weer terug in de branche.
• Daarnaast blijkt dat uitstroom niet altijd vrijwillig is: bij snelle uitstroom ligt het initiatief in ongeveer de helft van de gevallen niet bij de werknemer.
• De laagste branchestandvastigheid zien we bij:
– instromers in kleine banen (met name <20 uur),
– instromers vanuit een uitkering,
– monteursfuncties,
– en kleinere bedrijven.
Conclusie
Het beeld dat ‘de helft van de instromers snel vertrekt’ doet onvoldoende recht aan de werkelijkheid. De branche is dynamischer én breder dan vaak wordt aangenomen. Een aanzienlijk deel van de uitstroom blijft verbonden aan de technische installatiebranche of keert later terug.
Dit vraagt om een bredere kijk op retentie én gerichte aandacht voor specifieke groepen waar de uitstroom het grootst is.
Auteurs: Timo Verhaegh MSc, Thomas Oostendorp MSc