Thema’s

Onderwijs en ondersteuning voor kwetsbare doelgroepen

Kwetsbare doelgroepen & passend onderwijs

In ons onderzoek staan ‘kwetsbare doelgroepen’ centraal. Daarbij gebruiken we geen vastomlijnde definitie van groepen die als kwetsbaar kunnen worden aangemerkt en is de focus in de onderzoeken verschillend. Het gaat o.a. om leerlingen en studenten die extra ondersteuning nodig hebben, personen met een handicap of chronische ziekte , leerlingen in vso, praktijkonderwijs en Entree, hoogbegaafde leerlingen , nieuwkomers en jongeren in een kwetsbare positie.

Kortom: groepen in een kwetsbare positie die extra ondersteuning nodig kunnen hebben om hun kansen in onderwijs, opleiding of in de overgang naar werk te vergroten.

Een belangrijk thema binnen ons onderzoek is passend onderwijs in het voortgezet onderwijs en mbo. Ook in het hoger onderwijs is de afgelopen jaren de aandacht voor studenten met een ondersteuningsbehoefte toegenomen. Voorbeelden van ons onderzoek zijn het meerjarig onderzoeksprogramma Evaluatie Passend Onderwijs (evaluatiepassendonderwijs.nl), de monitor passend onderwijs in het mbo en onderzoek naar aangepaste mogelijkheden voor onderwijsprogramma’s, examens en ondersteuning in mbo en hoger onderwijs.

Jongeren met een ondersteuningsbehoefte hebben het soms extra lastig in het onderwijs en vinden moeilijker werk. In ons onderzoek kijken we specifiek naar bepaalde groepen en verzamelen we informatie over hun problemen en ondersteuningsvragen. Ook kijken we in diverse onderzoeken met een breder en langere termijn perspectief naar de jongeren. Hoe zien hun schoolloopbanen eruit? Binnen het onderwijs, in de overgang naar de arbeidsmarkt, verdere doorgroei en een leven lang ontwikkelen (LLO). Vanuit deze perspectieven kan beter maatwerk worden geleverd.

Onderwijs en ondersteuning voor kwetsbare doelgroepen

Leer- en kwalificatieplicht & voortijdig schoolverlaten

De leerplichtwet schrijft voor dat ieder kind in Nederland naar school moet: vanaf 5 jaar tot en met het schooljaar waarin een jongere 16 jaar wordt. Daarna begint de kwalificatieplicht, een van de maatregelen om schooluitval van jongeren tegen te gaan en de kwaliteit van startende jongeren op de arbeidsmarkt te vergroten. Jongeren zonder startkwalificatie (een havo-, vwo- of mbo-diploma vanaf niveau 2) moeten tot hun achttiende verjaardag onderwijs volgen. Met de RMC-wet (regionaal meld- en coördinatiepunt voortijdig schoolverlaten) wil de overheid jongeren tot 23 jaar stimuleren om een startkwalificatie te halen. Gemeenten voeren de RMC-wet uit en de RMC-regio’s hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om een sluitend vangnet te bieden voor jongeren in een kwetsbare positie met als doel maatschappelijke achterstand te voorkomen. KBA voert op dit thema zowel landelijke als regionale onderzoeken uit. De onderzoeken zijn veelal gericht op de (regionale) aanpak van verzuim en voortijdig schoolverlaten. Het kan gaan om onderzoeken in opdracht van ministeries zoals OCW, maar ook om onderzoeken in opdracht van. gemeenten, brancheorganisaties of scholen.

In ons onderzoek staat zowel het perspectief van scholen als de (samenwerking in de) regio centraal. Welke maatregelen treffen scholen om verzuim, uitval en voortijdig schoolverlaten te voorkomen? Hoe functioneert de zorgstructuur in en rond de school? Hoe gaan scholen om met de intake, studiewisselingen of stagebegeleiding? Onderzoek laat zien wat werkt en maakt de samenhang tussen maatregelen zichtbaar.

Om voortijdig schoolverlaten te voorkomen is regionale samenwerking noodzakelijk. Het gaat om samenwerking tussen scholen onderling, tussen scholen en gemeenten, en tussen onderwijs en bedrijfsleven. Ons onderzoek laat zien waar knelpunten liggen, wat succesfactoren zijn en hoe samenwerking beter kan.

De inspanningen om voortijdig schoolverlaten te voorkomen en jongeren een startkwalificatie te laten behalen zijn vaak niet direct zichtvaar. Meestal kan pas na enkele jaren worden bepaald of jongeren daadwerkelijk hun startkwalificatie halen en werk vinden. Om de effecten van de VSV-aanpak zichtbaar te maken is monitoring nodig. KBA Nijmegen heeft de afgelopen jaren instrumenten ontwikkeld om VSV-beleid op het niveau van doelgroepen, scholen en regio te monitoren en te evalueren.

Onderwijs en ondersteuning voor kwetsbare doelgroepen

Van opleiding naar werk & Jeugdwerkloosheid

Kwetsbare groepen hebben vaak meer moeite met de overgang van opleiding naar werk, waar minder ruimte en aandacht is voor hun specifieke wensen, mogelijkheden en belemmeringen. Daarbij heeft de groep ook meer risico op jeugdwerkloosheid. De projecten en onderzoeken binnen dit thema richten zich vooral op oorzaken, trends, hoe deze overgang makkelijker gemaakt kan worden en risico’s kunnen worden verkleind. Daarnaast richten we ons op de manier waarop in regio's wordt samengewerkt en welke afspraken scholen, gemeenten en bedrijven maken om de ondersteuning aan deze doelgroepen effectief en efficiënt te laten verlopen.

Voorbeelden zijn:

    De overgang van opleiding naar werk voor jongeren met een ondersteuningsbehoefte voor mbo-niveaus 3 en 4 en voor het hoger onderwijs
    Maatschappelijke kosten en baten van extra ondersteuning en begeleiding van kwetsbare doelgroepen naar de arbeidsmarkt.
    Praktijkleren met praktijkverklaring
    Loopbanen van leerlingen vso/pro-mbo en hun naar de overgang naar de arbeidsmarkt.
    Begeleiding van jongeren met een mbo-diploma niveau 1 en 2 bij hun start op de arbeidsmarkt.
    Begeleiding en ondersteuning bij Leven Lang Ontwikkelen van laaggeletterden en laagopgeleiden (Nationaal Groeifondsprogramma LLO Collectief).

Onderwijs

Leerprestaties

Het team onderwijs onderzoekt de leerprestaties van leerlingen binnen alle niveaus van het onderwijs. In 2018 heeft KBA samen met Expertisecentrum Nederlands meegewerkt aan het PISA-onderzoek: een grootschalig internationaal onderzoek onder 15-jarige scholieren. PISA onderzoekt de prestaties op de gebieden wiskunde, natuurwetenschappen en leesvaardigheid. PISA 2018 richtte zich op leesvaardigheid. Naast PISA worden ook andere onderzoeken verricht naar onderwijsrendement zoals de Evaluatie Passend Onderwijs. Onderzoeksmethoden die gebruikt worden zijn onder meer, enquetes, dataverzameling, interviews en meta-analyses.

Onderwijs

Onderwijsachterstanden

Ondanks dat het onderwijssysteem in Nederland voor iedereen toegankelijk is, zoals wettelijk vastgelegd, zijn er soms toch onderwijsachterstanden. KBA onderzoekt hoe deze achterstanden zijn ontstaan en hoe deze gemeten kunnen worden. Het blijkt lastig te zijn om de behoefte aan leerwegondersteuning of praktijkonderwijs objectief te meten. Er blijkt wel een relatie te bestaan tussen het milieu van de leerling en de risicofactoren op een onderwijsachterstand. Leerwegondersteuning en praktijkonderwijs zijn vooralsnog niet volledig afgestemd op de behoeften binnen regio’s. Afwegingen moeten gemaakt worden op basis van verwachte behoefte in de regio.

Onderwijs

Lerarentekort

Het (dreigende) lerarentekort is al sinds 1992 een punt van discussie. Dit geldt voor het gehele onderwijs: zowel PO als VO en ook steeds meer in het MBO. KBA onderzoekt wat de oorzaken én de gevolgen zijn van dit lerarentekort en wat concrete stappen kunnen zijn om dit tekort op te vangen. Zij doen dit in samenwerking met andere onderzoeksinstituten binnen een consortium, in opdracht van het ministerie van OCW. De onderzoekers gebruiken hiervoor verschillende onderzoeksmethoden zoals vragenlijsten, dossieronderzoek, dataverzameling en interviews. Wil je meer weten? Neem dan contact op met Mariska Roelofs.

Onderwijs

Burgerschap en LOB

KBA doet inventariserend onderzoek naar de inhoud en kwaliteit van de lessen burgerschap en LOB. Vooral in het MBO omdat daar weinig zicht op is geweest omdat bij beide generieke kwalificatie-eisen zijn en een inspanningsplicht wordt verwacht van studenten. Binnen dit thema worden vragen onderzocht als: wat is de kwaliteit van de lessen Burgerschap en LOB en hoe ervaren studenten de lessen? Gebruikte onderzoeksmethoden zijn: enquêtes (online), diepte-interviews en casestudies.

Onderwijs

Macrodoelmatigheid in het mbo

Macrodoelmatigheid in het mbo draait om drie kerndimensies: arbeidsmarktrelevantie, doelmatigheid en toegankelijkheid. Arbeidsmarktrelevantie verwijst naar de historische, actuele en toekomstige vraag naar afgestudeerden van een bepaalde opleiding. Doelmatigheid heeft betrekking op de kostenefficiency, kwaliteit en continuïteit van opleidingen. Toegankelijkheid gaat over nabijheid en bereikbaarheid van opleidingen voor (potentiële) studenten en de toegankelijkheid voor specifieke doelgroepen. Deze drie dimensies vormen samen de basis voor het beleid rondom macrodoelmatigheid.

Het streven naar een meer macrodoelmatig ingericht mbo staat al jarenlang hoog op de beleidsagenda van OCW. Dit komt onder meer doordat sommige opleidingen meer gediplomeerden afleveren dan de arbeidsmarkt vraagt, terwijl andere opleidingen juist minder afleveren dan gevraagd. Vooral in tijden van arbeidsmarktkrapte wordt bekeken of gerichte sturing hierop wenselijk en mogelijk is. Daarnaast speelt het grote aantal kleine opleidingen een rol, vanwege mogelijke gevolgen voor inefficiëntie in de bedrijfsvoering en kwetsbaarheid in de onderwijskwaliteit. KBA Nijmegen heeft hier herhaaldelijk onderzoek naar gedaan.

Per 1 augustus 2015 is de wet Macrodoelmatigheid in het beroepsonderwijs van kracht. Deze wet betekent voor bekostigde mbo-instellingen een aanscherping van hun bestaande zorgplicht arbeidsmarktperspectief en de introductie van de nieuwe zorgplicht doelmatigheid. Daarnaast verplicht de wet instellingen om potentiële studenten te informeren ten behoeve van een weloverwogen studiekeuze en om het voornemen tot het starten of beëindigen van een opleiding tijdig te melden.

De wet geeft de Minister de bevoegdheid om in te grijpen wanneer instellingen deze zorgplichten niet naleven. In een bijbehorende beleidsregel zijn de criteria en aandachtspunten vastgelegd die de Minister hanteert bij het beoordelen van de naleving. Deze beleidsregel biedt daarmee richting aan de afwegingen die de Minister maakt.

KBA Nijmegen heeft in opdracht van OCW en in voorbereiding op de wet en beleidsregel Macrodoelmatigheid onderzoek gedaan naar de nadere inkadering van de zorgplicht doelmatigheid (2014).

Collega’s van zusterorganisatie ResearchNed hebben in opdracht van OCW de wet en beleidsregel Macrodoelmatigheid geëvalueerd (2019).

Contact

Wilt u meer weten? Neem gerust contact op:

Onderwijs

Macrodoelmatigheid in het hoger onderwijs

Nieuwe opleidingen in het hoger onderwijs moeten aantoonbaar voorzien in een behoefte. De Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs (CDHO) beoordeelt of een opleiding beantwoordt aan een arbeidsmarktbehoefte, en/of maatschappelijke behoefte, en/of een wetenschappelijke behoefte, en of er ruimte is in het landelijk opleidingsaanbod voor de beoogde opleiding. Wij ondersteunen hogescholen en universiteiten bij het onderbouwen van hun aanvraag voor de CDHO. Daarbij ligt onze focus primair op het inzichtelijk maken en onderbouwen van de arbeidsmarktbehoefte — als kern van een sterke macrodoelmatigheidsaanvraag. Onze onderzoeken fungeren als een onafhankelijke en stevige basis voor deze aanvragen.

Onze aanpak

Wij werken met een beproefde en op maat gemaakte onderzoeksmethodiek. Macrodoelmatigheid vraagt om een zorgvuldige combinatie van inhoudelijke scherpte en een overtuigende onderbouwing richting de CDHO. Wij werken nauw samen met de opdrachtgever als co-maker; deze inbreng is essentieel voor het slagen van het onderzoek.

Ons onderzoek kent doorgaans twee fasen:

  1. Beroepscompetentieprofiel en blauwdruk van de opleiding

    We ontwikkelen samen met de opdrachtgever een beroepscompetentieprofiel en een duidelijke blauwdruk van de opleiding. Hiermee maken we scherp wat voor professional wordt opgeleid en in welke behoefte deze voorziet. Deze worden vervolgens getoetst in het werkveld en vormen de basis voor de verdere onderbouwing van de arbeidsmarktbehoefte.

  2. Macrodoelmatigheidsonderzoek

    We brengen in kaart in welke mate deze professionals al werkzaam zijn bij arbeidsorganisaties in het werkveld en maken de huidige en toekomstige behoefte aan professionals met dit profiel inzichtelijk. Ook onderzoeken we hoe de beoogde opleiding wordt beoordeeld. Daarnaast benutten we beschikbare arbeidsmarktinformatie om de ontwikkeling van de vraag naar afgestudeerden verder te onderbouwen. Daarnaast kan – indien gewenst – onderzoek worden uitgevoerd naar de belangstelling en het instroompotentieel onder (toekomstige) studenten.

Ervaring en projecten

Wij hebben ruime ervaring met macrodoelmatigheidsonderzoek in het hoger onderwijs — zowel hbo als wo — en ondersteunen opleidingen in het hele spectrum. Sinds 2005 hebben we meer dan 100 macrodoelmatigheidsonderzoeken uitgevoerd voor zowel hogescholen als universiteiten.

Contact

Wilt u meer weten over onze aanpak of een macrodoelmatigheidsonderzoek laten uitvoeren? Neem gerust contact op:

Onderwijs

Kwalificatiestructuur mbo

De eisen waaraan een mbo-student moet voldoen om een diploma te halen, zijn beschreven in een kwalificatiedossier. Een kwalificatiedossier bevat een of meerdere kwalificaties rondom een bepaalde beroepsgroep. Op basis van de kwalificatiedossiers maken mbo-instellingen hun onderwijsprogramma’s. De kwalificaties worden vastgesteld door bedrijfsleven en beroepsonderwijs gezamenlijk; ze zijn een belangrijk communicatie-instrument voor het realiseren van een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Alle kwalificaties samen vormen de landelijke kwalificatiestructuur. De Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) is verantwoordelijk voor deze structuur. KBA Nijmegen voert diverse onderzoeken uit die raken aan de kwalificatiestructuur:

Arbeid

Stromen op de arbeidsmarkt

De onderzoeken binnen dit subthema richten zich vooral op vragen betreffende: vraag en aanbod, krapte, stimuleren van instroom, voorkomen van teveel uitstroom. Een van de onderzoeken die tweejaarlijks terugkomt is die van de arbeidsmarkt in de technische installatiebranche in opdracht van Wij Techniek.

Arbeid

Leven Lang Ontwikkelen (LLO)

Door de komst van het STAP-budget en het leven lang leren krediet, zet de overheid in op flexibele werknemers en betere posities op de arbeidsmarkt. KBA onderzoekt hoe omscholing, bijscholing, zijinstromers en hoe de arbeidsmarkt zich aan het onderwijs aanpast en andersom. Hoe wordt duurzame inzetbaarheid in praktijk gebracht en wat zijn de uitwerkingen daarvan? Er worden verschillende onderzoeksmethoden gebruikt: dossieronderzoek, enquêtes (online en offline), multi-method dataverzameling & microdata van het CBS.

Arbeid

Flexibele schil van bedrijven

In een tijd waarin de wereld razendsnel verandert, moeten bedrijven meegaan in die ontwikkelingen. Dat betekent ook veranderingen in personeelsverloop? KBA onderzoekt het verloop van het personeel wat voor contracten zij hebben en brengt ontwikkelingen in kaart. Zij doet dit in opdracht van de Technische Installatiebranche maar ook voor de uitzend- en uitleenbranche, waarvoor zij sectoranalyses uitvoert. Hier worden verschillende onderzoeksmethoden gebruikt: dossieronderzoek, enquêtes en multi-method dataverzameling.

Arbeid

Ontwikkelingen in werk en beroepsinhoud

De overheid wil dat in 2050 iedereen van het gas af is. Dat brengt een hoop veranderingen én werk met zich mee voor de technische installatiebranche. Ook de opkomst van nieuwe technologieën zoals warmtepompen, zonneboilers en pelletkachels zorgt voor veranderingen in de sector. KBA onderzoekt in opdracht van Wij Techniek hoe deze ontwikkelingen invloed hebben op werk zelf, de beroepsinhoud en wat dat betekent voor de toekomst van de technische installatiebranche.